— Leervlak.nl

Archive
Tag "kennisbasis ICT"
Erno Mijland publiceerde deze week het ideeënboek “Sociale media in het onderwijs“. Een prachtig en innovatief initiatief,  en wel om twee redenen.

1. Goed voorbeeld doet volgen
In het boekje worden 17 lesideeën beschreven waar sociale media geïntegreerd wordt. Deze beschrijvingen gaan via een vast format. Beschreven worden onder andere de toepassing(-en), een stappenplan, de meerwaarde/opbrengst,  koppeling met het vakgebied of kerndoelen, docentactiviteiten en leerlingactiviteiten. ‘TPACK-verantwoord‘, en voor  studenten en collega’s op de lerarenopleiding een inspirerend document. Niet alleen om de kunst af te kijken en de suggesties aan te passen en zelf uit te proberen, maar juist ook om te leren welke aspecten en keuzes van belang zijn bij het integreren van sociale media (en ICT in het algemeen) in de les. Een document dat goed aansluit bij de kennisbasis ICT.

2. Teach as you preach
De basis van dit boekje is gelegd tijdens een workshop over sociale media die Erno Mijland verzorgde op een school. Vervolgens heeft Erno de sociale media ingezet:

Een van de kenmerken van sociale media is dat je tijd- en plaatsonafhankelijk kennis kunt delen en kunt samenwerken. Om die invalshoek te illustreren, leek het me een mooi experiment de buitenwereld bij de workshop te betrekken. Voor wie er niet bij kon zijn, maar wel mee wilde doen, bood ik op mijn weblog een artikel aan met de samenvatting van mijn introductie en een beschrijving van het praktijkgedeelte. Om het aantal deelnemers zo groot mogelijk te maken, postte ik aankondigingen van deze activiteit in een aantal LinkedIn- groepen en op Twitter (hashtag: #smiho).

In een paar dagen tijd is dit boekje samengesteld. Dat is de kracht van sociale media.

Het boekje kunt u hier gratis downloaden. Bijna gratis, kost een tweet. Of een vraag.

Afbeelding: Argonne/Flickr/BY-SA

Lees verder

Op de ADEF-ICT conferentie 9 december j.l. bezocht ik de sessie over TPACK, verzorgd door Petra Fisser. Een zelfde soort sessie had ik al eens meegemaakt op de VELON studiedag, verzorgd door haar collega Joke Voogt. Wat kan ik zeggen? Ik ben fan van het model (met name het plaatje). Ik heb zelfs een TPACK shirt.

Ik verdiep mij in dit model omdat het een belangrijk uitgangspunt is voor de implementatie van de kennisbasis ICT op de lerarenopleiding. De ADEF werkgroep ICT onderkent dit ook en neemt dit model mee in het uitwerken van een nieuwe versie van de kennisbasis ICT 2.0. Zodat ‘er meer vlees op het geraamte komt’, stelde Henk Fuchs (voorzitter van de werkgroep).

TPACK: niets nieuws
Het TPACK-model visualiseert de kennisdomeinen vakinhoud, didactiek en technologie en de interactie tussen deze domeinen. Het maakt voor docenten inzichtelijk welke kennis je nodig hebt om ICT in leerpraktijken te integreren, rekening houdend met de context van die leerpraktijk. Het model is bedoeld om docenten vanuit een onderwijsgerichte benadering na te laten denken en keuzes te maken over de inzet van technologie. Dat is geen nieuw verhaal toch? Dat bevestigd Petra Fisser in de sessie, maar volgens haar heeft het gebruik van het model twee voordelen:

  1. Het model maakt snel inzichtelijk waar het over gat, ook voor collega’s die zich niet bezighouden met de integratie van ICT;
  2. Het model kent een positief uitgangspunt. Het gaat uit van de expertise van de docent op het gebied van vak en didactiek.

Ik gebruik het model in mijn trainingen ‘eLearning’ voor studenten van de lerarenopleiding. Zij ervaren het als prettig om vakinhoud en didactiek als vertrekpunt te nemen (bekend, veilig, ‘normaal voor een docent’) om op basis daarvan keuzes te maken over de inzet van technologie (vaak nog onbekend, vaak als drempel ervaren, ‘wat is het nut?’). Er ontstaat beleving en meer zelfverzekerdheid, vooral als ze zien hoe krachtig de technologie kan zijn in het verbinden van leerlingen met de leerinhoud.  Studenten gaan anders tegen ICT in het onderwijs aan kijken. ICT als hulpmiddel, niet als doel.

Ik waardeer dit model dus ook vanwege zijn ‘veranderkundige’ kwaliteiten, belangrijk  bij de implementatie van de kennisbasis ICT in de opleiding. Want het is maar de vraag hoe ‘TPACK-bekwaam’ zijn docenten op dit moment? En hoe zit het bij mij zelf?

TPACK: The Game
In de sessie speelden we ‘TPACK: The Game“. Op basis van drie gegeven strookjes met ieder een item (vakinhoud, didactiek en technologie) bedenk je met elkaar een lesidee die aansluit bij de drie domeinen.  Het gaat om de discussie die dit uitlokt, het maakt het keuzeproces transparant. Het is een krachtige interventie in het spel als je de opdracht krijgt om het item op strookje technologie  te vervangen voor een hulpmiddel die je beter vindt passen bij de leerinhoud en didactiek. Zou je bijvoorbeeld altijd kiezen voor ICT? In het spel is er wel ruimte voor een ‘uitbreidingsset’, er mist een ‘cirkel’ van context waarop je de strookjes plaatst. Maar dat is snel genoeg opgelost, het is een goed spel om met studenten en collega’s te spelen, levert waardevolle discussies en er ontstaat gezamenlijk draagvlak.

TPACK en de kennisbasis ICT
Fisser stond stil bij de koppeling van TPACK met de kennisbasis ICT. Ze haalde het onderzoek “TPACK in de lerarenopleiding” aan, waar gekeken is naar de effectiviteit van strategieën voor de ontwikkeling van TPACK bij toekomstige docenten. Een van de risico’s is dat de aandacht te veel gericht is op de afzonderlijke kennisdomeinen, en niet op de integratie van en de interactie tussen de drie domeinen. In het model verschuift het domein technologie ‘boven’ het vakinhoudelijke- of didactische domein.

De vraag die gesteld moest worden was natuurlijk deze: “Is er wel een kennisbasis ICT nodig? Zorgt TPACK niet voor integratie van ICT in de bestaande kennisbasissen van de vakken?” Volledige integratie is een mooie wens, maar vooralsnog niet de realiteit. Het ‘lijstje’ van de kennisbasis ICT geeft de afzonderlijke opleidingen een duidelijke houvast en voorlopig ook de enige.

De indicatoren van de kennisbasis ICT zijn met name gericht op de domeinen techniek (TK) en het inzicht om de didactische uitgangspunten met technologie te ondersteunen (TPK). De kennisbases van de vakopleidingen richten op de interactie tussen leerinhoud en didactiek (PC, de vakdidactiek) en de interactie tussen technologie en leerinhoud (TC).

Hieronder de presentatie die gebruikt werd op de Velon studiedag, maar ik dacht dat deze nagenoeg hetzelfde was als die van op de ADEF ICT conferentie.

Lees verder

Het is al weer een paar weken terug, maar ik wil toch nog verslag doen van de Kennisnet bijeenkomst “ICT in de opleiding, nut of noodzaak?” op 17 november in het Spoorwegmuseum. Helaas heb ik de Hogwarts Express niet kunnen aanschouwen, maar wel gehaald waar ik voor kwam: de stand van zaken met betrekking tot de implementatie van de kennisbasis ICT in de lerarenopleiding. De middag leverde een aantal aanbevelingen op voor integratie van ICT in de opleiding.

Aanbevelingen voor de opleidingen
“Bereiden lerarenopleidingen hun studenten wel goed voor op een onderwijssituatie waarin ICT een belangrijk hulpmiddel kan zijn?” Deze vraag stond centraal in de presentatie van lector Guus Wijngaards. Het lectoraat eLearning heeft in samenwerking met Kennisnet dit jaar in opdracht van het OECD onderzoek (pdf) gedaan naar de stand van zaken op het gebied van ICT in de lerarenopleiding. Wijngaards sprak eerst over zijn beeld van een ideale leersituatie, waar er sprake is van een effectieve docent die:

  • gericht is op samenwerking;
  • zijn leven lang leert;
  • op een creatieve manier omgaat met het curriculum, zodat het onderwijs tot de verbeelding spreekt
  • een groot voorstellingsvermogen heeft en buiten bestaande kaders kan denken
  • risico’s durft te nemen, bijv. als het gaat om het hebben van vertrouwen in lerenden
  • een rolmodel is voor zijn leerlingen/studenten, bijv. als het gaat om een reflectieve houding en global awareness

Wijngaards spreekt ook over de zelfverzekerde student die:

  • allerlei technologische vaardigheden beheerst;
  • ICT gebruikt om op afstand te kunnen leren;
  • ICT als vanzelfsprekend gebruikt, op een creatieve manier en informeel leert;
  • in staat is om het gebruik van nieuwe ICT snel eigen te maken;
  • aanvoelt wanneer ICT nuttig kan zijn voor leren;
  • kan vertellen hoe ICT het leren kan ondersteunen;
  • de juiste ICT kiest voor iedere taak;

Ik zou daar aan toe willen voegen, of het tweede punt aanvullen, met het vermogen om zich met behulp van ICT  te verbinden met anderen en samen te werken.

Vanuit het praktijkonderzoek kwam Wijngaards vervolgens met een aantal aanbevelingen voor lerarenopleidingen als het gaat om ICT:

  • Vertaal visie naar een realitisch beleidsplan (hij gaf aan weinig scholen te kennen met een realistisch beleidinsplan om ICT te integreren)
  • Leg het ICT beheer in professionele handen (als in ICT is niet alleen iets van de voorlopers en de IT-ers, het hoort bij onderwijs en leren)
  • Zorg voor breed gedragen innovaties in maakbare stappen
  • Blijf voortdurend de prioriteiten herrijken
  • Zorg er voor dat de grote middengroep van docenten geen keuze heeft (“zo gaan we ICT inzetten”, deze groep is met de juiste ondersteuning en prikkels bereid om dat te doen)
  • Bij sollicitatieprocedures en functioneringsgesprekken: ICT-vaardigheden zijn belangrijk!
  • Integreer de kennisbasis ICT competenties
  • Zorg voor een didactische helpdesk als het gaat om ICT
  • Stuur zelfsturing aan
  • Zoek naar bewijskracht: laat onderzoek en onderwijs samengaan

Didactiek in Balans
Alfons ten Brummelhuis presenteerde vervolgens een aantal resultaten uit het het onderzoek Didactiek in Balans Lerarenopleiding 2010. Het blijkt dat lerarenopleidingen ICT middelmatig inzetten. In het onderzoek is het didactisch handelen van de lerarenopleiders gericht op kennisoverdracht en kennisconstructie. Bij beide is gekeken naar met en zonder ICT. Het blijkt dat:

  • kennisoverdracht zonder gebruik van ICT komt het vaakst voor
  • kennisconstructie zonder ICT komt meer voor, maar wel minder dan kennisoverdracht zonder ICT
  • kennisoverdracht en -constructie met ICT komt minder vaak voor dan zonder ICT, de inzet wordt getypeerd als ‘af en toe’ en ‘tamelijk vaak’.

Ten Brummelhuis geeft aan dat de ambities van de opleiders iets verder gaan, als in: de intentie om vaker aandacht te besteden aan kennisoverdracht en – constructie met ICT. Ten Brummelhuis: “Dat ambitieniveau mag hoger!”

Ten Brummelhuis hield  in zijn presentatie een pleidooi om in het onderwijs meer op zoek te gaan naar de bewijskracht van de meerwaarde van ICT in het onderwijs. Hij gebruikte hiervoor een plaatje van een een kennispiramide (zie ietwat vage afbeelding hieronder), met bovenin de vormen van bewijs over wat werkt. Kijk je naar de resultaten van het onderzoek dan zitten we nog te veel onderin de piramide, afhankelijk van enthousiaste voorlopers. Ten Brummelhuis: “We moeten naar de top, zodat we op basis van onderzoek kunnen stellen: er is eigenlijk geen reden om bepaalde ICT niet in te zetten!”.

Kennisbasis ICT
De rest van de middag stond in het teken van het uitwisselen van kennis er ervaringen door aan te schuiven aan verschillende thema-tafels. De eerste ronde koos ik voor de tafel “Kennisbasis ICT“. De vertegenwoordigers van de verschillende lerarenopleidingen gaven aan hoe het stond met de invoering van deze kennisbasis. Wat punten die ter tafel kwamen:

  • de meeste opleidingen zijn dit schooljaar gestart, of bereiden voor voor schooljaar 2011-2012 (rond 2014-2015 komen de eerste startbekwame docenten die de kennisbasis ICT beheersen);
  • de PABO’s kijken naar de ADEF-kennisbasis ICT en kijken naar een ‘vertaling‘;
  • de kennisbasis ICT als instrument om docenten uit hun isolement te halen en te verbinden met het werkveld en student;
  • één opleiding koppelende de  implementatie aan een project waar het herontwerp van onderwijs centraal staat;
  • zorg dragen voor basiscursussen instrumentele vaardigheden, rest van kennisbasis koppelen aan stagepraktijk (wat mij betreft in de vorm van bijeenkomsten gecombineerd met flexibel online aanbod);
  • didactiek is uitgangspunt: TPACK;
  • één opleiding stelt ICT praktijkonderzoek verplicht;
  • studenten presenteren bewijsmateriaal kennisbasis in hun portfolio (daar is een ICT-paragraaf in opgenomen);
  • implementatiestrategie: neem docenten en studenten beide mee in dit traject (daar ontkomen we niet aan);
  • gebruik maken van ICT vakcoaches, die collega’s gericht ondersteunen;
  • vanuit het werkveld denken: kennisbasis opnemen in kenmerkende beroepssituaties;

De lerarenopleiding waar ik werk start in begin 2011 met de implementatie. Een aantal van bovenstaande punten komen ook terug in onze plannen. Herkenbaar zijn de punten als het betrekken van het werkveld, de kennisbasis als professionaliseringsinstrument van de opleiders (en wat mij betreft dus ook het werkveld), didactiek als uitgangspunt (TPACK) en de koppeling van de kennisbasis aan de praktijk, door bijv. het formuleren van kenmerkende beroepssituaties.

Een vruchtbare middag, goed om de positie van ICT in de opleiding weer scherp te krijgen, en de aanbevelingen en ervaringen mee te nemen in de plannen! Nu vooral doen!

Jammer, dat ik de Hogwarts Express heb gemist, had graag gezien hoe de kennisbasis ICT op Hogwarts/Zweinstein is geïmplementeerd.

Lees verder

Op De Onderwijsdagen bezocht ik vandaag onder andere de sessie van Gerard Dümmer, docentenopleider van Hogeschool Domstad. “Leraren van de toekomst voorbereiden op de toekomst”, dat soort titels trekken mij wel. Het is een thema dat langzaam maar zeker ook bij ons onderwerp van gesprek  wordt.

Gerard laat in zijn sessie zien hoe hij dit thema verkent. Wat is er geschreven over de leerling van de 21e eeuw? Wat is er geschreven over 21st century skills? Wat kun je in dit opzicht met competentieoverzichten op het gebied van ICT zoals de PABO-tool of de Kennisbasis ICT (pdf)? Welke pedagogiek/didactiek hoort hierbij. Gerard noemt terecht het TPACK-model. En welk opleidingsmodel moet je als lerarenopleiding uiteindelijk ontwikkelen?

Update 16-11-2009: lees voor meer informatie over de vragen van Gerard op zijn blogpost over deze sessie.

Ik denk dat je moet oppassen met genoemde lijstjes van ICT-competenties, ze kunnen beperkend zijn in de discussie over hoe je leraren van de toekomst voorbereidt op de toekomst. Hoewel het mij vanzelfsprekend lijkt dat docenten deze vaardigheden moeten beheersen om ze betekenisvol te kunnen toepassen, zijn het vooral zaken als creativiteit en innovatie die daar aan ten grondslag liggen. Het moet om een opleidingsmodel gaan waar de ICT-vaardigheden en de vaardigheden die je nodig hebt om in de 21e eeuwse informatiemaatschappij te kunnen functioneren, goed geïntegreerd is.  In dit opzicht vind ik dit model for 21st century learning interessant om in die discussie te gebruiken.

We worden aan het werk gezet! Wat moet een docent van de toekomst weten? Wat moet die docent kunnen? En wat moet hij/zij willen? En welke leeromgeving past daar het beste bij? De opdracht is om in een kort Flip-filmpje antwoord te geven op deze vragen. Fons van den Berg, Erwin Bomas en ondergetekende gaan aan de slag en maken het volgende filmpje.

Fokke en Sukke, zei Pierre Gorissen Richard Visscher. Ach.

Er staan ook een paar interessante Animoto/YouTube filmpjes op deze site, 21st Century School Teacher, met dank aan Fons en Gerard.

Still 2

Lees verder

Ik ben niet zo van de ‘Top zoveel’-lijstjes, maar als docenten2.0-opleider kan ik natuurlijk niet om de lijstjes van Jane Hart heen.  Zij presenteerde deze week op haar blog haar de Toolbox voor 2009:

This year I have produced a 2009 version of the Toolbox , which contains 25 categories of learning tool. Within each tool category I provide the name of the most popular tools from the emerging Top Tools for Learning 2009 list, as selected by learning professionals worldwide. The majority of the tools are FREE, although a number of commercial tools are included. Some of the tools are desktop tools; others are online services.

Ik verzorg deze periode een korte training e-learning aan deeltijdstudenten en voor veel studenten is veel van wat ik ze laat zien aan web 2.0 tools nieuw. En veel! Ik had even moeten denken aan haar overzicht 25 Tools every Learning Professional should have in their Toolbox van 2008. Niet gedaan, maar ik zal alsnog de 2009 versie introduceren bij de studenten. Voor volgende training zal ik er een collegeopdracht om heen bouwen.

Daarnaast denk ik dat ik deze lijst nog wel eens ga gebruiken volgend schooljaar, dat op onze School in onder ander in het teken zal staan van de kennisbasis ICT en scholingsplannen voor zowel de studenten als docenten.

Via Jane’s E-Learning Pick of the Day. Bekijk ook haar Top 100 Tools for Learning 2009.

Ik zal eens nadenken over mijn top 10. Stomme lijstjes. Best leuk toch.

Lees verder

Extend Limits bericht vandaag over new media literacies. Project New Media Literacies is een onderzoeksgroep binnen MIT. De new media literacies zijn sociale vaardigheden en competenties waarover je zou moeten beschikken om als volwaardige burger te kunnen participeren in een steeds complexer medialandschap. Interessant is het ‘voorlopige’ lijstje met de skills op de website:

  • Play – the capacity to experiment with one’s surroundings as a form of problem-solving
  • Performance – the ability to adopt alternative identities for the purpose of improvisation and discovery
  • Simulation – the ability to interpret and construct dynamic models of real-world processes
  • Appropriation – the ability to meaningfully sample and remix media content
  • Multitasking – the ability to scan one’s environment and shift focus as needed to salient details
  • Distributed Cognition – the ability to interact meaningfully with tools that expand mental capacities
  • Collective Intelligence – the ability to pool knowledge and compare notes with others toward a common goal
  • Judgment – the ability to evaluate the reliability and credibility of different information sources
  • Transmedia Navigation – the ability to follow the flow of stories and information across multiple modalities
  • Networking – the ability to search for, synthesize, and disseminate information
  • Negotiation – the ability to travel across diverse communities, discerning and respecting multiple perspectives, and grasping and following alternative norms
  • Visualization – the ability to interpret and create data representations for the purposes of expressing ideas,finding patterns, and identifying trends

Ik vind het wel een interessant perspectief. Er zitten veel elementen waarvan ik vind dat met name de jongeren over deze vaardigheden moeten beschikken. Het gaat om informeel leren, kritisch denken, netwerkleren, informatievaardigheden en mediawijsheid. Het zijn de kenmerken van een kenniswerker in de 21e eeuw. Misschien mis ik wel expliciet innoveren, de vaardigheid om binnen dat sociale medialandschap jezelf te verbeteren en te profileren.

Twee gedachten die in mij opkwamen:

1. Als docentenopleider zie ik hier dus ook docentvaardigheden. De docent 2.0? De docenten in opleiding moeten de jonge kenniswerkers begeleiden in het opdoen van deze vaardigheden. In beide gevallen: bieden wij het onderwijs waarin studenten/leerlingen/docenten de ruimte hebben om deze new media literacies aan te leren en te ontwikkelen? We praten er veel over, maar doen….?

Volgens de whitepaper Confronting the Challenges of Participatory Culture: Media Education for the 21st Century die op de site te downloaden valt zijn er drie probleemsituaties waar het onderwijs een antwoord op moet gaan vinden:

a. participation gap – het wegnemen van ongelijkheid als het gaat om de mogelijkheden, ervaringen, vaardigheden en kennis die jongeren nodig hebben in het medialandschap van de 21e eeuw
b. transparency problem – leerlingen bewustmaken van de manieren waarop media de beeldvorming beinvloedt
c. ethics challenge – jongeren voorbereiden op hun steeds actiever wordende rol als mediamakers en deelnemers binnen communities.

Ik wil wel eens weten in hoeverre de docenten-in-opleiding op de hoogte zijn van het veranderende medialandschap en wat dan vervolgens hun visie is op onderwijs en lesgeven. Op mijn School ervaar ik het persoonlijk als een moeizame discussie. Aan de ene kant zien studenten heel goed dat het medialandschap verandert, maar zijn vaak behoudend als het gaat om de rol van het onderwijs en docent.

2. New media literacies zouden expliciet genoemd moeten worden in de kennisbasis ICT voor de lerarenopleidingen. Niet alleen focussen op de instrumentele vaardigheden die bij deze skills horen, gericht op het begeleiden van leerlingen, maar juist ook op de ontwikkeling van de student, de kenniswerker.

Binnenkort de whitepaper eens goed bestuderen.

Lees verder

Ik heb afgelopen woensdag de ADEF Conferentie “Verder met Kennisbasis ICT” bezocht. Ik heb daar al een flinke blogpost over geschreven, waarvan ik nog aan het bijkomen ben. Wat een verhaal, kan het korter? Blijkbaar had ik het nodig, moest ik voor mijzelf wat zaken op een rijtje zetten. De conferentie bestond ook uit een aantal workshops.  Ik heb gekozen voor de sessies over de didactiek van het digibord en bloggen in het onderwijs. Andere sessies waren Werken met wiki’s bij duits en frans, content ontwikkelen/arrangeren en ontwerpen van leeromgevingen met mindmapping. Lees ook de post van Blogparty, inclusief MindMeister mindmap.

De didactiek van het digibord
Volgens Michel van Ast, docent wiskunde aan de HU en schrijver aan de Kennisbasis ICT, bestaat de didactiek van het digibord niet. Het gaat, volgens Michel, om het toepassen van bestaande werkvormen. Door gebruik te maken van het digibord wordt het toepassen van die werkvormen vergemakkelijkt. Combineer dat met de ‘wow-factor’ van het digibord en je hebt een succesverhaal. Dat verklaart misschien waarom deze techniek omarmt wordt door het onderwijs, ook door docenten die nog niet zoveel met ICT in het onderwijs hebben. Michel is heel duidelijk overigens: je laat leerlingen naar het bord toe komen. Mee eens.

Mijn leerpunten:

  • De aantrekkingskracht van het digibord is enorm. Het heeft een ‘wow-factor’ en die moet je gebruiken. Gebruik bijvoorbeeld CoolIris in combinatie met een digibord. Dat wordt een hele grote iPod Touch.
  • Ieder bord heeft een aantal trucjes om aandacht op het bord te focussen: hide and reveal. Spelen met lagen in de Smartboard software om zaken te verbergen en te verschijnen, door elementen ‘weg te vegen’ of te verslepen.
  • Buitenwereld de klas in te halen, door Google Earth te gebruiken, maar ook door een visueel aantrekkelijke startpagina als Symbaloo, met tabbladen die linken naar online content.
  • Digibord is geen multi-touchbord.
  • Programma’s als Google Sketchup en Phun
  • zien er prachtig uit op een Digibord en werken enorm krachtig om zaken te visualiseren. Vooral Phun was een eye-opener voor mij. Het is een gratis programma waarmee je op een hele speelse manier kunt experimenteren met natuurkundige wetten. Het ziet er prachtig uit op een digibord, en is volgens mij enorm verslavend.
  • Je staat snel voor het bord, in het licht van de beamer. Het is handig om de beamer aan het plafond te hebben, zo dicht mogelijk bij het bord. Dan heb je ook de minste schaduw.

In de workshop hebben we zelf ook een aantal zaken uitgeprobeerd op de smartboarden, met name de ‘hide and reveal’ elementen. Een hele interactieve workshop, erg leuk! Michel van Ast knows his stuff en als je een keer in de gelegenheid bent om een workshop van hem te volgen (hij was volgens mij ook op de I&I), doen!

Linktips Michel:
ICT&E – Smart Teaching and Learning
ICT&E – Digiborden Videoclips
Computers in de Klas: Digitaal Schoolbord

Een weblog in het onderwijs
Kees-Jan van Oorsouw, docent duits op de HAN-ILS presenteerde zijn ervaringen op het gebied van weblogs in het onderwijs. Zijn collega’s van het talenlab, niet ICT-minded, ervaren o.a. door het gebruik van weblogs dat best leuk kan zijn om ICT te integreren in het onderwijs, vanuit het oogpunt ‘gemakkelijk’, nog niet vanuit het oogpunt didactiek. It’s a start! Goed zo.

Kees-Jan hield een vrij theoretisch verhaal en ging uitgebreid in op wat een weblog is. Een CommonCraft filmpje had best gemogen wat mij betreft. We stonden uitgebreid stil bij allerlei soorten blogs. Het is goed om een beeld te hebben van het fenomeen bloggen, maar focus op wat je er mee kan doen en bereiken, in plaats van weblogs in allerlei hokjes te stoppen. Zo kwam uit het publiek de stelling: “Weblogs zijn ijdeltuiterij”. Tja, als je dat vindt. Je hoeft die blogs niet te lezen. En wat voor iemand ‘ijdeltuiterij’ is, is voor een ander een leerproces.

Het leerproces kwam aan het einde van de presentatie uitgebreid aan bod. Waarom laat je leerlingen/studenten met blogs werken?

  • leren om kritisch te denken
  • leren m zichzelf schriftelijk te verantwoorden
  • lezen bijdragen van anderen en leren daar op te reageren: interactiviteit, betere motivatie en betrokkenheid

Kees-Jan gaf goed aan hoe weblogs passen in het onderwijs in de context van de “7 peilers van digitale didactiek” van Simons (ik link naar een presentatie van Wilfred Rubens op SlideShare) en de leerpiramide van Bales.

Ik vond de context van het verhaal wat eenzijdig. De toepassingen en de voorbeelden zijn erg ‘docentgestuurd’, ik mis de rol van blogs in het informele leerproces en ‘connectivism’ van leerlingen/studenten. Maar wel een nieuw woord geleerd: blogneurose.

Linktips Kees-Jan:
Webquest Webloggen in het onderwijs

Lees verder

“Verder met de Kennisbasis ICT” was de titel van de tweede ADEF (Algemeen Directeurenoverleg Educatieve Faculteiten) ICT-werkgroep conferentie, die ik vandaag heb bijgewoond op de Hogeschool van Amsterdam. Een plenair gedeelte over de status van de kennisbasis ICT en hoe deze te interpreteren, daarna keuze uit twee workshops. Voor mij de eerste introductie met de kennisbasis ICT.

K3
De educatieve faculteiten zijn druk in de weer met de zogenaamde “K3”: kennisbasis, kennistoetsen en kennisbank. Zo hebben bijvoorbeeld alle tweedegraads lerarenopleidingen aardrijkskunde een kennisbasis ontwikkeld voor het vak. Een verzameling van kennisitems waarvan wij vinden dat een startbekwame leraar die moet beheersen. Op dit moment wordt er druk gewerkt aan zogenaamde kennistoetsen die een aantal keer in de opleiding worden afgenomen, om deze kennisbasis bij de student transparant te maken (en te voorkomen dat we ‘centrale examinering’ van de politiek opgelegd krijgen). En in de toekomst ligt het concept kennisbank, waarin we lesmateriaal met elkaar willen delen. Ik slik het woord WikiWijs nu even weg. De voorzitter van de ADEF ICT-werkgroep, Gert-Jan van Setten, wist te melden dat er een bedrag van 4 miljoen euro ‘vrijkomt’ om deze klus in 2,5 jaar te klaren. Aardig bedrag.

Kennisbasis ICT
Maar wat moet een startbekwame docent weten als het gaat om ICT? Welke standaard moeten docenten hebben als het gaat om digitale didactiek? Vandaar de opdracht om kennisbasis ICT vorm te geven. Ik heb hier een ontwerpversie voor mij liggen (ik heb deze nog niet digitaal), waarin 9 categorieën benoemd worden met ICT onderwerpen waarin een beginnende docent in het voortgezet onderwijs vaardig moet zijn. De vaardigheden zijn vervolgens per onderwerp benoemd als gedragsindicatoren.

De categorieën zijn:

  1. Instrumentele vaardigheden
  2. Algemene didactiek
  3. Informatievaardigheden
  4. Presenteren
  5. Samenwerken en communiceren
  6. Individueel werken
  7. Begeleiden en beoordelen
  8. Digitaal toetsen
  9. Arrangeren en ontwikkelen

Het is een flinke lijst geworden, en alles staat er wel zo’n beetje in. ECDL niveau, audio en video, elo’s, web 2.0, mediawijsheid (alleen het woord wordt niet gebruikt), synchrone en a-synchrone communicatiemiddelen, etc. Aan de basis van dit verhaal liggen de SBL E-competenties. Ik ga mij er binnenkort eens op storten. Het zal om details gaan.

Ik vind het in ieder geval belangrijk dat in de verdere uitwerkingen van de kennisbasis niet vergeten wordt, dat het bij een kennisbasis niet alleen gaat om kennis van vak (in dit geval dus ICT), maar ook om kennis van leerlingen en kennis van leren. Het is belangrijk dat studenten begrijpen waarom deze vaardigheden zo belangrijk zijn als het gaat om begeleiden van leerlingen in het onderwijs van de 21e eeuw. Een visie en een missie hebben over ICT en onderwijs is ook een belangrijke gedragsindicator.

Ontwikkelperspectief
In de ochtend hebben de schrijvers de kennisbasis voorgelegd aan een aantal lectoren. Jan van Bruggen, lector Educatieve functies van ICT van Fontys, verving Peter van ‘t Riet (lector ICT en onderwijsinnovatie) die met griep geveld was, met een korte toelichting. Hij stelde dat de kennisbasis zoals die er nu ligt, een hele dappere onderneming is om papier te zetten. Het is een helder document, niet vrijblijvend, erg handig voor toetsen e.d. Maar het is belangrijk om dit niet allemaal vast te spijkeren. Het advies van de lectoren is om voor een ontwikkelperspectief te zorgen. Er is meer nodig dan de beheersing van basiskennis en –vaardigheden op het gebied van ICT en onderwijs. Het gaat ook om de professionaliteit van de moderne docent die in staat moet zijn om ICT bewust in te zetten en dus op de hoogte moet zijn van de ontwikkelingen en mogelijkheden op het gebied van ICT en onderwijs, en hoe je daarmee je onderwijs kunt verbeteren. Jan van Bruggen:

Het gaat om de veelvuldigheid van ICT. De dynamiek zit hem in de technologie die ons al jaren lang overspoelt. Dat zit niet alleen in de kennis, maar zit ook tussen de oren.

Dat betekent dus dat er ruimte moet zijn voor de student om zich zelf te profileren, te ontwikkelen en zelf met zaken aan te komen. De context van het beroep wordt hier in heel belangrijk.

Implementatie

Dan rest er nog de vraag, hoe de kennisbasis te implementeren. Hoe ga je een ontwikkelperspectief vormgeven? Het zal in ieder geval geïntegreerd met de andere vakken moeten worden aangeboden, in de betekenisvolle context van de student die leraar aan het worden is. Dat betekent dat  het belangrijk wordt om samen met vakcollega’s kenmerkende beroepssituaties te schrijven die het startpunt worden voor de student.  Ik denk ook dat het heel belangrijk is om het veld, in de rol van opleidingsscholen, er bij te betrekken. Het implementeren van een kennisbasis vraagt in ieder geval innoverend vermogen.

ICT innoveert, dus ook het onderwijs.

Lees verder