Professionaliseren & ICT: hoe professionaliseer je lerarenopleiders?

Op de jaarlijkse studiedag van het Velon, georganiseerd op de HAN in Nijmegen, stond o.a het thema professionaliseren & ICT centraal. De themagroep ICT in de lerarenopleiding van het Velon, waar ik deel van uit maak, ging in op de vraag hoe zouden wij als lerarenopleiders onszelf professionaliseren als het gaat om het zijn van een rolmodel met de didactische inzet van ICT? Collega’s van het Centre of Expertise Leren & ICT/Ixperium verzorgden in de middag een interessante sessie over dit vraagstuk: professionaliseren via design thinking en designteams van docenten en onderzoekers. Hieronder een verslag van beide sessies.

De lerarenopleider als rolmodel
Simon Rozendal (NHL) verzorgde namens de themagroep een inleiding over de lerarenopleider als rolmodel. Hij haalde een nieuwsbericht aan: “Docenten vermijden ICT in de klas uit onzekerheid. Deze onzekerheid betreft met name de instrumentele vaardigheden. Door gebrekkige vaardigheden zijn docenten bang dat ze in tijdnood komen waardoor lesdoelen niet gehaald zouden worden, en daarom de inzet van technologie maar vermijden. Het betreft hier gebrek aan didactische ICT-bekwaamheid en gebrek aan geloof in eigen kunnen. Hier ligt een belangrijke rol voor de lerarenopleider. De student op de lerarenopleiding dient in aanraking te komen met voorbeeldmatige didactische inzet van ICT.

Er zijn verschillende vormen van rolmodel zijn: (1) impliciet rolmodel, (2) expliciet rolmodel, (3) expliciet modelleren met vertaling naar naar lespraktijk studenten (double loop) en (4) expliciet modelleren en verbinding leggen met de academische theorie. Ik heb hier eerder een bijdrage over geschreven.

De themagroep heeft vorig jaar een vragenlijst uitgezet om wat meer te weten te komen over hoe lerarenopleiders zich zien als rolmodel. Het betreft hier een lopend onderzoek. Uit de voorlopige resultaten blijkt dat de meeste respondenten zich in meer of mindere mate wel een rolmodel vinden, zowel impliciet als expliciet. Vinden de studenten dat ook? Nee, studenten kijken daar anders tegen aan. Dit blijkt o.a. uit de monitoring van het Centre of Expertise Leren met ICT.

Visie op de didactische inzet van ICT in de lerarenopleiding is cruciaal. De lerarenopleiding als instituut dient ‘rolmodel’ te zijn. De student moet in aanraking komen met voorbeeldmatige inzet van didactische inzet van ICT. Zo wandelen studenten hier op de HAN het Imperium binnen om onder begeleiding te experimenteren met inzet van ICT. Maar het is ook belangrijk dat studenten in de collegezalen docenten tegenkomen die ICT inzetten ter ondersteuning van het leren, en ook uitleggen wat ze daar mee willen bereiken. Of glorieus falen met de inzet van ICT in hun colleges, en laten zien aan de studenten hoe ze het probleem oplossen.

En het gaat m.i. verder. Ook in het werkveld, waar de student zijn stages loopt, dienen rolmodellen rond te lopen die de student kunnen begeleiden. Daarom is het vraagstuk van ICT-bekwaamheid van docenten een gedeeld vraagstuk: lerarenopleidingen en werkveld dienen samen op te trekken in opleiden, professionalisering en onderzoek als het gaat om de didactische ICT-bekwaamheid.

Professionalisering
Hoe zou je professionalisering als rolmodel kunnen vormgeven? Over deze vraag werd kort gediscussieerd met de aanwezigen. Belangrijk aspect hierbij is rekening houden met de leervoorkeuren van lerarenopleiders. Vaak dienen lerarenopleiders zich te conformeren aan institutionele professionaliseringseisen, maar is het maar de vraag in hoeverre deze eisen zich verhouden met wat studenten van docenten vragen/willen.

Er worden veel voorbeelden genoemd van informele professionalisering. Collega’s die elkaar toepassingen laten zien en ervaringen uitwisselen. Sommigen geven aan dat ze al blij zijn dat ze ICT inzetten. Het is al snel duidelijk dat professionalisering vooral gericht dient te zijn op het professioneel redeneren over de inzet van ICT. A fool with a tool is still a fool. 

Lerarenopleiders zijn in deze ook lerenden. Daar dienen we rekening mee te houden. Daar tegenover staat dat professionalisering van lerarenopleiders op het terrein van ICT niet vrijblijvend kan zijn. We stellen eisen aan onze studenten op dit terrein, dus dat vraagt ook iets van de professionele ontwikkeling van lerarenopleiders. De mate waarin een student in aanraking komt met voorbeeldmatige didactische inzet van ICT kan niet afhankelijk zijn van toevallig les krijgen van die ICT-vaardige docent.

Een collega van de ILS van de HAN geeft aan dat er ten aanzien van professionalisering in leren en lesgeven met ICT tien competenties zijn vastgesteld. Het hele team is zich daarvan bewust. Er zijn professionaliseringstrajecten gericht op de team- en individuele ontwikkeling.

Design teams
Een mooie integratie benadering van onderzoek, onderwijsontwikkeling en professionalisering werd in de middag gepresenteerd door Nieske Coetsier, Pauline van de Venn en Dana Uerz. Zij presenteerde over design thinking als als middel om te professionaliseren. Pauline werkt op ROC De Leijgraaf en zat samen met collega’s in een designteam met als onderwerp loopbaanbegeleiding, waarbij de vraag was in hoeverre de inzet van social media hier aan bij kon dragen. Het designteam heeft eerst onderzoek gedaan naar de vraagstukken, presentaties bijgewoond over de inzet van social media en mediawijsheid, en zijn vervolgens onderzoeksmatig gaan werken richting het eindproduct. Hierbij werden ook leerlingen betrokken. Hierbij is een prototype ontworpen waarbij social media wordt benut om leerlingen te begeleiden in hun loopbaan. Dat wordt nu verder uitgewerkt tot een methodiek. De betrokken collega’s hebben zich ontwikkeld op het terrein van onderzoeksvaardigheden, ontwerpen van onderwijs, en de didactische inzet van technologie.

Nieske geeft vervolgens aan wat het belang is van de stappen van design thinking (zie afbeelding) in deze werkwijze. De inzet van ICT staat niet los van de context, is gekoppeld aan een visie. De stappen zorgen er voor dat je als team niet te snel naar de oplossing gaat zoeken, niet gelijk focust op de vorm zonder eerst goed de context bestudeerd te hebben. Op deze wijze wordt er ook beter aangesloten op wat er al bekend is over vraagstukken.

Fases design thinking

Het werken in designteams leidt tot veel enthousiasme bij de collega’s, geeft Nieske aan. Het leidt tot verbondenheid, het is een mensgerichte benadering. Bovendien heeft design thinking een optimistische benadering van het oplossen van vraagstukken. En er is veel ruimte voor het bedenken van creatieve oplossingen.

Professionaliseringsstrategieën
Dana benoemt een aantal kenmerken die specifiek zijn voor  professionaliseringstrategieën in leren en lesgeven met ICT.

1. Het is belangrijk dat de onderwijsontwikkeling centraal staat;
2. Ruimte voor experimenteren en uitproberen is van belang, maar dan wel in een veilige leeromgeving;
3. Onderzoeksmatige en opbrengstgerichte aanpak;
4. Vertrek vanuit een didactische praktijkvraag;
5. Stel een multidisciplinair team samen: ‘verschillende denkkaders met een gemeenschappelijk doel’
6. Sluit aan bij de onderwijscontext van de docenten.

Ik vind de koppeling van professionalisering aan het ontwerpen van onderwijs een waardevolle werkwijze (geen eenvoudige werkwijze). De inzet van ICT kan niet losstaan van de onderwijscontext. Bovendien staat op deze manier de inzet van ICT als middel centraal, en niet als doel op zichzelf. Professionalisering op het gebied van de didactische inzet van ICT is meer impliciet aan de orde. Het is gericht op het realiseren van een oplossing voor een vraagstuk. Elk lid van het team heeft zijn of haar expertise die ingezet kan worden. Scholing op het gebied van ICT volgt uit de didactische vraagstukken. De focus ligt dan niet op wat een docent wel of niet kan, maar hoe op een effectieve manier het leren kan worden ondersteund. Op deze wijze kan elke docent, vaardig of niet, zich ontwikkelen in het inzetten van ICT voor leren en lesgeven.

Geen Reacties

Laat een reactie achter

Hoor graag uw reactie!

%d bloggers liken dit: